Wanneer moet je SEO meenemen in een nieuwe website?
Neem bestaande vindbaarheid mee zodra je de nieuwe structuur en inhoud gaat bepalen. Wachten tot het ontwerp klaar is, maakt het lastiger om verdwenen pagina’s of belangrijke informatie terug te plaatsen.
Een redesign verandert de vormgeving. Een migratie verandert bijvoorbeeld het CMS, de URL-structuur, hosting of het domein. In een project lopen die werkzaamheden vaak door elkaar. Leg daarom vooraf vast wat er precies verandert en welk onderdeel behouden blijft.
Bespreek met je webdesigner wie de oude website inventariseert, wie redirects bouwt, wie de controles uitvoert en wie na livegang fouten oplost. Reserveer daar tijd voor in de opdracht. Een nieuwe website is niet klaar zodra de homepage er goed uitziet.
Twijfel je nog over de omvang? Bekijk eerst de signalen dat je bedrijf een nieuwe website nodig heeft en de afwegingen bij websitevernieuwing en redesign. Soms is een gerichte verbetering voldoende.
1. Leg de huidige URL’s en prestaties vast
Maak vóór de bouw een overzicht van bestaande pagina’s, hun functie en hun waarde voor het bedrijf. Alleen door het menu klikken is onvoldoende: oudere artikelen, campagnepagina’s en bestanden kunnen daarbuiten nog worden gebruikt.
Combineer een crawl van de website met de sitemap, een export uit het CMS en beschikbare verkeersgegevens. Neem belangrijke afbeeldingen, downloads en andere publiek gedeelde bestanden mee. Noteer per URL of de pagina behouden, samengevoegd, gewijzigd of verwijderd wordt.
| Gegeven | Waarom vastleggen? | Voorbeeld van een beslissing |
|---|---|---|
| Oude URL en onderwerp | Voorkomen dat een pagina wordt vergeten. | De dienst blijft bestaan op hetzelfde adres. |
| Bezoek en zoekvragen | Herkennen welke inhoud al wordt gebruikt. | Belangrijke uitleg behouden in het nieuwe ontwerp. |
| Aanvragen en externe links | Commerciële waarde en bestaande verwijzingen zien. | Deze pagina krijgt extra aandacht bij het testen. |
| Nieuwe URL en actie | Een controleerbare bestemming vastleggen. | Permanent doorverwijzen naar een passende opvolger. |
Bewaar een nulmeting met organische klikken, vertoningen, relevante zoekvragen en de bijbehorende gemiddelde posities in Search Console. Vergelijk posities per zoekvraag en pagina; één gemiddelde voor de hele site kan verschillen verhullen. Neem ook aanvragen mee wanneer die betrouwbaar worden gemeten. Een pagina met weinig verkeer kan alsnog belangrijk zijn wanneer zij een specifieke, waardevolle vraag beantwoordt.
Kies een periode die past bij je bedrijf en houd rekening met seizoenen. Bewaar de exports, datum en meetinstellingen. Zo vergelijk je na publicatie niet toevallig een rustige vakantieperiode met een drukke maand.
2. Behoud bruikbare content en URL’s waar mogelijk
Een nieuw ontwerp vraagt niet automatisch om nieuwe adressen of kortere teksten. Houd een logische URL aan als de pagina hetzelfde onderwerp blijft behandelen.
Bekijk welke onderdelen een bezoeker nodig heeft om te kiezen: uitleg, werkwijze, voorbeelden, voorwaarden en antwoorden op veelgestelde vragen. Verwijder zulke inhoud niet alleen omdat het nieuwe ontwerp minder tekstruimte heeft. Pas de presentatie aan of geef de uitleg een passende plek.
Dat betekent niet dat alle oude tekst onaantastbaar is. Verouderde informatie mag worden verbeterd en dubbelingen kunnen worden samengevoegd. Maak die keuze per onderwerp en leg vast welke informatie op de nieuwe pagina terugkomt.
Stel dat twee bestaande pagina’s verschillende diensten uitleggen. Ze samenvoegen onder een algemene kop “Oplossingen” kan het aanbod minder duidelijk maken. Een kortere navigatie is dan geen goede reden om de inhoudelijke scheiding te verliezen. Gebruik de gids over de inhoud en structuur van bedrijfswebsites om de nieuwe indeling te beoordelen.
Beperk onnodige gelijktijdige veranderingen. Wie tegelijk domein, techniek, teksten en aanbod wijzigt, kan een daling achteraf moeilijker verklaren. Plan waar mogelijk duidelijke stappen en bewaar de uitgangssituatie.
3. Geef iedere gewijzigde URL een passende bestemming
Een 301-redirect vertelt browsers en zoekmachines dat een pagina permanent naar een ander adres is verhuisd. Gebruik bij blijvende URL-wijzigingen bij voorkeur een permanente serverredirect; Google noemt hiervoor onder meer 301 en 308. Zie de documentatie over redirects.
Maak een tabel met oude URL, nieuwe URL en de reden voor de wijziging. Verwijs de oude dienstpagina naar de bijbehorende nieuwe dienstpagina. Stuur een oude handleiding naar de inhoudelijke opvolger, niet naar een willekeurige commerciële pagina.
Verwijs niet alle verdwenen pagina’s naar de homepage. Google waarschuwt dat een irrelevante bestemming als een soft 404 kan worden behandeld: een pagina die inhoudelijk als ontbrekend wordt gezien, ondanks een andere serverstatus. Bij samengevoegde inhoud kan de gezamenlijke opvolger wel passend zijn. Zie de richtlijnen voor websiteverhuizingen.
Wat als er geen vervanging bestaat?
Een definitief verdwenen pagina zonder passende opvolger hoeft niet kunstmatig te worden doorgestuurd. Laat dan een correcte foutstatus teruggeven, met een behulpzame foutpagina voor bezoekers. Controleer wel eerst of het verwijderen inhoudelijk en zakelijk verstandig is.
Test elke redirect naar de definitieve bestemming. Voorkom ketens waarbij een bezoeker via meerdere oude adressen reist. Vergeet varianten met of zonder afsluitende slash, oude bestandsextensies en bestaande redirects uit eerdere vernieuwingen niet.
Google adviseert redirects zo lang mogelijk te behouden, doorgaans minstens één jaar. Voor bezoekers met oude links kan langer zinvol zijn. Zet daarom ook vast wie deze regels beheert wanneer hosting of onderhoud later verandert.
4. Controleer metadata, canonicals en interne links
De nieuwe pagina moet één duidelijke inhoudelijke identiteit en een consistent voorkeursadres hebben. Controleer daarvoor niet alleen de zichtbare kop, maar ook de instellingen in de HTML.
- Elke pagina heeft een passende, unieke title en meta description.
- De H1 en inhoud blijven aansluiten op het bedoelde onderwerp.
- De canonical verwijst naar de juiste publieke voorkeurs-URL.
- Interne links wijzen direct naar het nieuwe eindadres.
- Afbeeldingen, downloads en sociale deelmetadata gebruiken geldige URL’s.
- Bij meerdere talen zijn taalverwijzingen en hreflang nog wederkerig en correct.
- Structured data beschrijft de zichtbare, actuele informatie.
Een canonical geeft het voorkeursadres aan voor gelijke of sterk vergelijkbare content. Het is een signaal voor Google, geen instructie die altijd wordt gevolgd. Een link naar het stagingdomein kan tegenstrijdige informatie geven. Laat canonicals, redirects en sitemap daarom op elkaar aansluiten. Zie de Google-uitleg over canonieke URL’s.
Pas interne links aan, ook als de oude URL nog doorverwijst. Loop inhoudsopgaven, knoppen, footerlinks en links midden in artikelen na. Controleer ankerlinks naar secties: een pagina kan bereikbaar zijn terwijl een verwijzing naar een verdwenen tussenkop niets meer doet.
Maak een schone sitemap
Neem de canonieke, indexeerbare eind-URL’s op in de nieuwe sitemap. Houd protocol, domein en trailing slashes consistent. Gebruik lastmod alleen voor een werkelijke relevante wijziging, niet automatisch de datum van iedere upload. Google licht dit toe bij het maken van een sitemap.
5. Houd de testomgeving buiten de zoekresultaten
Een stagingomgeving is een testversie van de website. Beveilig die bij voorkeur met toegangsbescherming en controleer de indexatie-instellingen apart. Zo worden onvoltooide pagina’s niet onbedoeld als publieke inhoud behandeld.
Een publiek bereikbare testpagina kan een noindex-instructie krijgen. Die moet voor de crawler leesbaar zijn; blokkeer je dezelfde pagina via robots.txt, dan kan Google de instructie niet zien. Noindex is geen beveiliging voor vertrouwelijke inhoud. Raadpleeg de documentatie over noindex.
Verwijder staging-noindex en tijdelijke crawlblokkades van pagina’s die live wél indexeerbaar moeten zijn. Controleer zowel de HTML als eventuele HTTP-headers van de hosting. Houd de echte testomgeving afgeschermd.
Neem deze controle op als afzonderlijk aftekenpunt. Bij het kopiëren van bestanden of een CMS-database kunnen testinstellingen meekomen. Vertrouw daarom niet alleen op de instelling die tijdens de bouw zichtbaar was; test de uiteindelijke publieke response.
6. Test vóór de publicatie
Test de nieuwe website én de route vanaf oude adressen. Een technische crawl vindt veel fouten, maar kan niet bepalen of de bestemming inhoudelijk de juiste is.
- Alle belangrijke nieuwe pagina’s openen met de verwachte status.
- De redirecttabel is compleet en de bestemmingen kloppen inhoudelijk.
- Er zijn geen onverwachte 404’s, serverfouten of redirectlussen.
- Titels, canonicals, robotsregels en sitemap zijn gecontroleerd.
- Belangrijke teksten en beelden zijn beschikbaar en leesbaar.
- Desktop, tablet en mobiel werken, ook met toetsenbordbediening.
- Formulieren, telefoonlinks en e-mailroutes zijn daadwerkelijk getest.
- Er zijn geen ontbrekende assets of JavaScript-fouten.
- Metingen en toestemming werken zoals afgesproken.
- Er is een recente back-up en een uitvoerbaar herstelplan.
Controleer belangrijke klantreizen handmatig: van dienst naar case en van daar naar contact. Gebruik voor snelheid, mobiel en toegankelijkheid de kwaliteitscheck voor een bedrijfswebsite. Maak vooraf duidelijk welke fouten publicatie blokkeren en welke verbetering later kan volgen.
7. Controleer live en blijf de overgang volgen
Na publicatie controleer je de echte server, niet alleen de eerder goedgekeurde testversie. Test direct de belangrijkste pagina’s, oude links, formulieren, robots.txt en sitemap.
Dien de bijgewerkte sitemap in via Search Console en inspecteer belangrijke URL’s. Bekijk daarna indexatie, crawlmeldingen en prestaties per pagina. Search Console helpt die veranderingen volgen; rapporten lopen niet altijd gelijk met het moment waarop je publiceert. Zie de officiële uitleg van de rapporten.
Bij een domeinverhuizing kan de adreswijzigingstool van Search Console relevant zijn. Een redesign op hetzelfde domein vraagt niet om zo’n melding. Houd na een migratie rekening met tijdelijke schommelingen; Google beschrijft die mogelijkheid in de verhuisdocumentatie.
Plan direct na livegang een controle op grote fouten en daarna vaste vergelijkingsmomenten. Kijk per belangrijke pagina naar verkeer en aanvragen, niet alleen naar een totaalcijfer. Dat totaal kan stabiel lijken terwijl één waardevolle dienst veel minder bezoekers ontvangt.
Onderzoek een daling stap voor stap: klopt de meetcode, is de pagina bereikbaar, werkt de redirect en is de inhoud behouden? Controleer ook of het aanbod, de vraag of het seizoen is veranderd. Noteer bevindingen voordat je opnieuw grote wijzigingen doet.
Conclusie: maak behoud van vindbaarheid onderdeel van de opdracht
Een zorgvuldige vernieuwing begint met weten wat er nu staat en werkt. Behoud bruikbare inhoud en adressen, plan redirects per pagina en controleer alle indexatie-instellingen. Test vóór publicatie en volg de echte website daarna. Dat beperkt vermijdbare fouten, zonder een onveranderde Google-positie te kunnen garanderen.
Officiële bronnen
De technische richtlijnen zijn gecontroleerd aan de hand van onderstaande officiële documentatie.